RSZ-compensatie:
Kom jij in aanmerking?

Desiree Lagerburg
19 november 2020

Eén van de maatregelen van het steunpakket bestaat in de toekenning van een RSZ-compensatie aan ondernemingen die verplicht gesloten zijn of die zwaar getroffen zijn door de coronacrisis. Deze tegemoetkoming zou overeenstemmen met de verschuldigde netto patronale basisbijdragen en de patronale solidariteitsbijdrage voor studenten verschuldigd voor het derde kwartaal 2020.

Voorwaarden

Eerst de algemene voorwaarden

Om recht te hebben op de compensatiepremie van hierboven, moeten deze voorwaarden vervult zijn:

-> een werkgever zijn in de privésector die verplicht moet sluiten als gevolg van de ministeriële besluiten van 28 oktober en 1 november 2020 of zwaar getroffen zijn door de coronamaatregelen.
Let wel: de werkgevers die meerdere RSZ-categorieën hebben waarvan minstens één behoort tot het toepassingsgebied, zullen de premie genieten voor de werknemers die onder de werkgeverscategorieën vallen die door de maatregel beoogd worden.

-> actief zijn in het 3de kwartaal 2020. Een werkgever die een DmfA-aangifte voor het derde kwartaal ingediend heeft met minstens één aangegeven werknemer of ten minste één arbeidsrelatie in Dimona open heeft voor een klassieke werknemer (OTH), een student (STU), een gelegenheidswerknemer (EXT) en/of een flexi-werknemer (FLX), voldoet aan deze voorwaarde;

-> niet failliet zijn;

->Een RSZ-nummer hebben dat niet voor 1/10/2020 geschrapt is.

En hoe gaat dat praktisch?

Door het invoeren van uw ondernemingsnummer in de onlinedienst ‘Check RSZ-compensatie’ weet u onmiddellijk of u in aanmerking komt voor deze nieuwe compensatiemaatregel.
Indien u volgens de onlinedienst niet in aanmerking komt voor de premie, maar indien u van mening bent dat dit ten onrechte is, kan u dit melden aan de RSZ via een onlineformulier.


Hoe gaat de berekening van de premie?


De berekening van de premie verloopt in twee fases:
-> eerst wordt het voorlopig bedrag berekend op basis van de gegevens van het eerste kwartaal van 2020
-> dan gebeurt er een afrekening op basis van de definitieve gegevens van het 3de kwartaal 2020.

Een voorlopige premie?

De RSZ zal een voorlopige premie berekenen voor de werkgevers die in het 1ste kwartaal 2020 actief waren en dat in het 3de kwartaal 2020 nog steeds zijn. Een werkgever die in het 1ste kwartaal van 2020 zijn DmfA-aangifte ingediend heeft, is een actieve werkgever.

Deze voorlopige premie wordt berekend op basis van een 'foto' van de DmfA-aangifte van het 1ste kwartaal 2020 op een nog te bepalen datum in de loop van de maand november. De wijzigingen van de DmfA-aangifte die na die datum uitgevoerd worden, zullen niet in aanmerking worden genomen.

De RSZ zal u verwittigen van het bedrag van de voorlopige premie via een elektronisch bericht in de e-box. Dit bedrag zal op de RSZ-rekening van de werkgever gestort worden.

Hij wordt aangewend om in de eerste plaats de resterende schulden voor het 3de kwartaal 2020 af te lossen, en vervolgens eventueel op de overige verschuldigde bedragen en dit met aanwending op de oudste schuld, overeenkomstig artikel 25 van de wet van 27 juni 1969. Indien er na toerekening een saldo overblijft, kan u om de uitbetaling ervan verzoeken.

Indien u niet om een uitbetaling verzoekt, zal het saldo aangewend worden voor de eerstvolgende nog te vervallen bedragen die aan de RSZ verschuldigd zijn.

En dan een definitieve premie.

De definitieve premie zal enkel berekend worden voor de werkgevers die in het 3de kwartaal 2020 actief waren. Hij wordt berekend op basis van een 'foto' van de DmfA-aangifte van het 3de kwartaal 2020 op datum van 15 januari 2021. De wijzigingen van de DmfA-aangifte die na die datum uitgevoerd worden, zullen niet in aanmerking worden genomen.

Het berekenen van de premie gebeurt in 2 stappen:


Stap 1:
berekening van het bedrag van de premie op basis van de aangiften van het 3de kwartaal 2020. Het totaalbedrag van de premie zal gelijk zijn aan het bedrag van de netto patronale bijdragen van het 3de kwartaal 2020, vermeerderd met het bedrag van de patronale solidariteitsbijdrage, verschuldigd voor de studenten betreffende het 3de kwartaal 2020.

Stap 2:
vergelijking van de premie, berekend op de in aanmerking te nemen gegevens van het 3de kwartaal 2020, met het bedrag van de voorlopige premie.
Indien uit deze vergelijking blijkt dat het bedrag van de premie, berekend op basis van de in aanmerking te nemen gegevens van het 3de kwartaal, hoger is dan het bedrag van de voorlopige premie, berekend op basis van de in aanmerking te nemen gegevens van het 1ste kwartaal 2020, zal u een bijkomende premie krijgen die overeenstemt met het bedrag van het verschil.

Indien het bedrag van de premie, berekend op basis van de in aanmerking te nemen gegevens van het 3de kwartaal, lager is dan het bedrag van de voorlopige premie, berekend op basis van de in aanmerking te nemen gegevens van het 1ste kwartaal 2020, zal het bedrag van de voorlopige premie verworven zijn en niet meer in vraag worden gesteld.

De RSZ verduidelijkt dat een werkgever die in het 3de kwartaal 2020 actief is en die aan bovenstaande voorwaarden voldoet, recht zal hebben op het bedrag van de voorlopige premie, berekend op basis van het 1ste kwartaal 2020, zelfs als het te betalen bedrag van zijn aangifte van het 3de kwartaal 2020 gelijk is aan 0,00 EUR, bijvoorbeeld doordat het personeel door overmacht gedurende het volledige 3de kwartaal 2020 werkloos was.


De nieuwe werkgevers die slechts vanaf het 2de kwartaal 2020 actief zijn, zullen een premie krijgen die is berekend op basis van de gegevens van het 3de kwartaal 2020.























Bron: Tussentijdse instructies RSZ van 10 november 2020 ‘compensatie voor de RSZ-bijdragen van het derde kwartaal 2020’.

 

 

©HR2DAY 2019